30 dec. 2012

Graveyard Disturbance/Una notte al cimitero (Lamberto Bava, 1987)

De jaren tachtig zijn een haast onuitputtelijke bron van pulp en B-horrorfilms. Voor de liefhebber van dit soort film valt er steeds weer iets nieuws te ontdekken en keer op keer te genieten van films vol houterig acteerwerk, aandoenlijk gedateerde special-effects, rammelende scripts, rubberen monsters en natuurlijk vele liters nepbloed. Dat deze films nogal variëren in kwaliteit zal geen verrassing zijn. Soms tref je “per ongeluk” een productie die eigenlijk best wel goed is, en waar het talent van de filmmaker vanaf te zien is. Maar dit soort pareltjes zijn zeldzaam. Veel vaker stuit je op films die misschien een handjevol aardige scènes hebben, maar voor de rest vooral onbedoeld op de lachspieren werken.
Graveyard Disturbance (Una notte al cimitero) is zo'n film.

In Graveyard Disturbance volgen we een groepje jongeren, die na een winkeldiefstal de politie proberen te ontvluchten. Ze verdwalen met een busje en komen uiteindelijk in een lugubere herberg bij een kerkhof terecht. De uitbater vertelt hen over een oude weddenschap: wie een nacht in de ondergrondse crypte kan doorbrengen wint een schat vol geld, goud en juwelen. De crypte zou echter bevolkt zijn met allerlei verschrikkingen uit de hel... De stoerste jongen van het stel gaat de weddenschap aan en daalt af in de crypte, en zijn vrienden volgen hem al snel. Natuurlijk duurt het niet lang voordat ze oog in oog komen te staan met allerlei monsters. 


De regisseur is Lamberto Bava, zoon van de met een stuk meer talent behepte Mario Bava. Niet dat Lamberto geen goede films maakte – zijn Dèmoni is een prima film- maar de echte klassiekers komen op naam van pa Bava.
Graveyard Disturbance werd gemaakt als onderdeel van een televisieserie bestaande uit vier griezelfilms die Bava voor een Italiaanse zender maakte. Geen van deze films komt op IMDb uit op een cijfer boven de 5,5.

Graveyard Disturbance is vreselijk cheesy. De griezelige uitbater van de herberg, voorzien van een knipperend rood lampje achter zijn contactlens, heeft overacteren tot een kunst verheven en barst na elke zin uit in een hysterisch lachsalvo. In het decor treffen we een met de tanden klapperende schedel, een overuren draaiende rookmachine en de complete voorraad ratten, spinnen en wormen van de plaatselijke dierenwinkel aan.
Tegen deze achtergronden dirigeert Bava zijn hoofdrolspelers van de ene bizarre scène naar de andere, hierbij niet gehinderd door enige plotvastheid of logica. Zo probeert niemand gewoon weg te rennen voor de zombies, die nochtans maar erg traag vooruit schuifelen. Maar aan de andere kant: echt nodig is dit ook weer niet: de zombies en demonen die onze helden tegen het lijf lopen blaffen wel maar bijten niet. Opvallend genoeg blijft de film dus grotendeels gespeend van bloedvergieten. Dit gebrek aan spanning en sensatie probeert Bava te compenseren door zijn pogingen met een paar halfslachtige twists ons op het verkeerde been te zetten. Deze slaan echter dood voor ze goed en wel begonnen zijn.


Toch heeft Graveyard Disturbance zo zijn charmes. De film ademt een nostalgische gothic-horrorsfeer uit, met zijn mistige landschappen, retro griezels en ongegeneerd eenvoudige verhaallijn. Ook is de film regelmatig prettig gestoord. Met als maf hoogtepunt een dinerscène waarin een familie van demonen een maaltijd naar binnen werkt bestaande uit ondefinieerbaar vlees, wormstekige appels en dode spinnen, alles rijkelijk voorzien van een heerlijk madensausje. Grappigste aan deze scène is dat de familie, waaronder een matriarch met een hoofd vol ogen, banger blijkt te zijn voor de jongeren dan zij voor hen: als ze de jongeren ontwaren, gaan ze niet achter hen aan, maar vluchten ze snel hun doodskist in. Tegen zulke demonen durf ik het ook nog wel op te nemen.

Score: 
  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten